Backgammon spelregels: zo speel je het klassieke dobbelspel
Backgammon is een bordspel voor twee spelers met dobbelstenen en 15 schijven per persoon. Je verplaatst je schijven over 24 punten richting je thuisvak. Daarna speel je ze van het bord af. In deze uitleg krijg je de backgammon spelregels helder uitgelegd, zodat je direct kunt spelen.
Backgammon regels uitgelegd
Hieronder krijg je de backgammon regels stap voor stap. Je start met de opstelling en het doel. Daarna leer je precies hoe zetten, slaan en uitspelen werkt. Zo heb je backgammon uitgelegd zonder gedoe.
Doel van het spel
Je wilt al je schijven naar je eigen thuisvak brengen. Daarna speel je al je schijven uit. Wie als eerste alle 15 schijven heeft uitgespeeld, wint.
Het bord en de looprichting
Het bord heeft 24 punten (driehoeken), verdeeld over vier delen. Jij beweegt je schijven in één vaste richting. Je tegenstander beweegt de andere kant op. Spreek vóór de start af welke zes punten jouw thuisvak zijn.
Startopstelling
Backgammon begint meestal met een vaste opstelling:
- 2 schijven op punt 24
- 5 schijven op punt 13
- 3 schijven op punt 8
- 5 schijven op punt 6
Je tegenstander zet dezelfde opstelling gespiegeld neer.
Wie begint?
Jullie gooien allebei één dobbelsteen. De hoogste worp begint. Bij gelijk gooi je opnieuw. De startworp gebruik je meteen voor je eerste zet.

Zetten doen met de dobbelstenen
Je gooit per beurt met twee dobbelstenen. Je mag dan:
- twee schijven verplaatsen, één per dobbelsteen, of
- één schijf verplaatsen in twee stappen (met beide ogen).
Je gebruikt beide dobbelstenen als dat kan. Kun je er maar één spelen, dan speel je die. Kun je geen legale zet doen, dan sla je je beurt over.
Dubbel gooien
Gooi je dubbel, zoals 4-4? Dan krijg je vier zetten van dat aantal. Je speelt dus vier keer “4”.
Waar mag je landen?
Je mag landen op een leeg punt, of op een punt met jouw eigen schijven. Staat er precies één schijf van je tegenstander? Dan mag je daar ook landen. Staan er twee of meer schijven van je tegenstander? Dan is dat punt geblokkeerd. Daar mag je niet op landen.
Slaan en terugkomen via de balk
Land je op een punt met één schijf van je tegenstander? Dan sla je die schijf. Die schijf gaat naar de balk in het midden. Heb jij zelf een schijf op de balk? Dan moet je die eerst terug in het spel brengen. Je komt binnen in het thuisvak van je tegenstander. Het gegooide oog bepaalt op welk punt je binnenkomt. Is dat punt geblokkeerd? Dan kun je met dat oog niet binnenkomen. Kun je met geen van beide dobbelstenen binnenkomen, dan verlies je je beurt.
Uitspelen
Je mag pas uitspelen als al jouw schijven in je thuisvak staan. Daarna haal je schijven van het bord met je worp.
Gooi je exact het juiste aantal? Dan speel je een schijf van dat punt uit. Gooi je hoger dan het hoogste punt waarop jij nog een schijf hebt? Dan mag je de hoogste schijf uitspelen. Dat mag alleen als er geen schijf op een hoger punt staat.
Wordt een schijf geslagen terwijl je al aan het uitspelen bent? Dan gaat die naar de balk. Je moet die schijf eerst terugbrengen en weer naar je thuisvak spelen. Pas daarna ga je verder met uitspelen.
Winst en punten
Je wint zodra jij al je schijven hebt uitgespeeld. Vaak speel je om één punt per pot. Soms gelden extra puntregels:
- 1 punt: normale winst
- 2 punten: je tegenstander heeft nog niets uitgespeeld
- 3 punten: je tegenstander heeft nog een schijf op de balk, of nog in jouw thuisvak
Veelgemaakte fouten van beginners
Veel beginners laten te vaak één losse schijf staan. Dan kan je tegenstander je snel slaan. Ook wordt de balkregel vaak vergeten. Binnenkomen gaat altijd vóór andere zetten. Let tot slot op je zetvolgorde, want die kan je opties veranderen.
Snelle tips om beter te spelen
Probeer punten te “sluiten” met twee schijven. Zo blokkeer je je tegenstander sneller. Bouw je thuisvak op voordat je gaat uitspelen. En neem minder risico met losse schijven. Zo worden de backgammon spelregels tijdens het spelen vanzelf duidelijker.
Klaar om te spelen? Met deze backgammon spelregels heb je de basis direct onder de knie en kun je meteen een eerste pot starten. Speel een paar rondes en je merkt vanzelf hoe snel je vooruitgaat.
Wil je daarna nog een ander klassiek bordspel leren? Bekijk dan ook onze schaken spelregels.


